| Gemakzucht Spakenburgs grootste bedreiging22 april GENEMUIDEN - Met 0-6 winnen, eigenlijk kan het niet mooier wanneer je de ranglijst aanvoert. Spakenburg had van tevoren de borst wel nat gemaakt. Een uitwedstrijd bij SC Genemuiden geldt altijd als lastig, zeer lastig zelfs.
Maar de trots van de Kop van Overijssel was in feite slechts een blaffende hond, die niet beet. De brede glimlach bij André Paus na afloop zei veel. Hier was duidelijk sprake van opluchting bij een trainer die het ook af en toe niet snapt en er menige praatsessie tegenaan zal hebben gegooid. Wie de verrichtingen van Spakenburg dit seizoen op een rij zet, komt bizarre wendingen tegen. De ene week glorieus, zoals tegen medetitelkandidaat Rijnsburgse Boys dat met 5-1 de gehaktmolen in ging. De week daarop bij SVZW met 2-1 kopje onder. Winst (2-1) op aartsrivaal IJsselmeervogels, gevolgd door een domper en ook nog ontsnapping (1-1) bij Montfoort. "Genemuiden wil altijd wel voetballen", probeerde Paus naar een verklaring te zoeken. "SVZW en Montfoort verdedigen alleen maar en ook nog op zo'n hobbelig grasveld. Over deze wedstrijd hebben we wel goed nagedacht. Het zou een finale zijn. En zo komen er nog twee."
En dus won Spakenburg dan toch voor de afwisseling weer eens twee wedstrijden op rij. Na de 6-3 tegen HHC Hardenberg stokte de teller opnieuw bij zes. Het was simpel een kwestie van geconcentreerd beginnen, waarin in veel situaties de spelers van Spakenburg net dat kleine stapje eerder bij de bal waren dan die van Sportclub. Bij Spakenburg verzaakte niemand, misschien wel de meest gewichtige factor bij het opmaken van een winst-verliesrekening. Iedereen stond scherp, met puntspeler Danny van den Meiracker ook letterlijk in het veld. De topscorer maakte nu eens geen belangrijk doelpunt (0-4), maar schuwde het vuile werk niet. Raily Ignacio en Marien Willemsen hadden de opdracht het front zo breed mogelijk te houden. Vanaf het middenveld moesten Harry Zwarthoed en Ricky van den Bergh zorgen voor aanvallende impulsen. Maarten Woudenberg zat op de controle op Patrick Lip, de centrale motor van Genemuiden.
De meegereisde Spakenburg supporters konden al snel rustig ademhalen. Al na tien minuten was het bingo voor de 'blauwen' toen Van den Bergh vanaf links naar binnen trok en met een geplaatst schot doelman Albert Flier het nakijken gaf. En op het halve uur profiteerde Ignacio van krachteloos verdedigen van Berry Halfwerk. Ignacio had ook geen last van een tegenstander die rugdekking gaf aan Halfwerk en zette zijn ploeg in een comfortabele zetel. Halfwerk, begonnen rechts op het middenveld, was al na een kwartier spelen op de rechtsbackplaats terecht gekomen nadat Arjen Netjes met een spierblessure was uitgevallen. Dat haalde zonder twijfel een streep door het tactisch plan, waarin vooraf ook al aanvaller Willem Lanjouw en verdediger Robert Boes ontbraken. Dat is het grote verschil met Spakenburg, waar de afwezigheid van Sargon Gouriye en Ibad Muhamadu wel in voldoende mate kan worden gecompenseerd.
Het is na de 0-2 nooit meer een wedstrijd geworden. SC Genemuiden heeft nog wel pogingen ondernomen om het duel te laten kantelen, maar wie een omelet wil bakken moet minimaal een ei breken. De kansen daarop zijn er geweest. Bij 0-1 nog stopte Siebren Visscher iets te weinig venijn in zijn reboundmogelijkheid en zag ook Jacco Riemens een doelpoging geblokt. Lip kwam ook nog een paar keer op een plek dat je denkt, schieten knul. Maar alles wat er kwam, geen schot. Verder breien met ploeggenoten was het motto. Als Freek van de Berg pal voor rust de bal wel geraakt had, ja dan. En dat gold ook voor de kans in hoofdletters voor Riemens na de pauze, die zijn uithaal gekraakt zag door de voet van keeper Sven Taberima. Een paar minuten later lieten Ignacio en afmaker Willemsen aan de andere kant van het veld wel zien hoe dodelijk effectief je kunt zijn. Ignacio benutte de ruimte op de flank en kwam vervolgens met een loepzuivere voorzet naar zijn ploeggenoot.
Ook hier zag de verdediging van de thuisclub er niet al te best uit en dus was alle opportunistische moeite en pressie voor niets geweest. Richard Karrenbelt vond na afloop dat zijn ploeg best aardig gevoetbald had. "Maar als je wil winnen, moet je een keer de trekker overhalen", stelde de trainer vast. En zo was het ook. Lip, Riemens en Martijn Jansen vormen het trio dat het verloop van een wedstrijd kan bepalen maar tegen de afweer van Spakenburg speelde het smaldeel ongeïnspireerd. Rudy Jansen en Robert Verschraagen grendelden de vleugels af en in het centrum van de verdediging waren Ivo Rottiné en Jeroen Hessing een lastig te omzeilen blok. En als je niet schiet, ken je niet scoren, sprak ooit de bekendste nummer veertien van het land.
Na de 0-3 had ook voor het einde van de wedstrijd gefloten kunnen worden. Uiteraard maakte Luinge de negentig minuten vol. Dat moet nu eenmaal volgens de spelregels, maar Luinge beleeft ook nog steeds heel veel plezier als spelleider. Ook de discussie binnen de lijnen leidt Luinge, die vaak preventief fluit. Niks oprekken van regels waardoor spelers het idee krijgen dat zij tijdens de wedstrijd meer en meer de gang van zaken kunnen gaan bepalen. Veel discussie was er ook niet over de gele kaarten, hoewel die voor Rottiné wel een beetje lullig overkwam en de stuurman van Spakenburg een schorsing kost. Daardoor moet Paus voor de komende keer weer even puzzelen met personeel. Binnen de brede selectie moet dat een niet al te groot probleem opleveren. De meeste aandacht zal uitgaan naar de bestrijding van gemakzucht. Na 6-3 en 0-6 is dat wel de grootste bedreiging voor Spakenburg. Zoals gezegd nog twee finales. De eerste tegen Capelle (5 mei, thuis), de tweede uit tegen Katwijk (12 mei), naar alle waarschijnlijkheid de ontknoping van een lang en zenuwen afknijpend seizoen.
Tekst: Aad van der Graaf | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||