Het kunnen soms zo maar heel mooie weekenden worden. Vorige week vrijdag was ik uitgenodigd door Staalbankiers om in Den Haag een concert van de oudste Nederlandse rockgroep Golden Earring bij te wonen. Golden Earring speelt een beetje in blessuretijd om in voetbaltermen te blijven, het beste is er helaas vanaf. Echt precies als bij een wedstrijd duurde het optreden twee maal drie kwartier en welgeteld één toegift van drie minuten. Er was 2000 man publiek, later op de avond door iemand rollatorrockers genoemd, die waarschijnlijk 40 jaar geleden ook al naar Radar Love luisterden, want ik hoorde samen met mijn vrouw gewoon weer eens bij de jongeren. Maar dat zou niet lang duren. Na afloop was er, ook al door de bank aangeboden, een hapje en drankje, en dus gratis. Er waren toch weer wat oude bekenden, zelfs uit de voetbalwereld, die nu niet te beroerd waren om wat rondjes uit te delen. Ik hoefde zelfs niets te halen, alleen op te drinken. Nou heb ik een hekel aan lege glazen maar een nog grotere hekel aan volle glazen, dat schiet dus ook al niet op. Nu werd ik absoluut niet dronken of zo, maar het was wel zo goed en verstandig dat we bleven slapen in het hotel naast de zaal waar het concert was geweest.
De volgende dag ben ik met een beetje verkreukeld wattenhoofd naar Young Boys tegen Quick Boys gegaan. De bedenkers van die clubnamen zijn trouwens niet echt creatief geweest met als gevolg dat nu de 'Jonge Jongens' tegen de 'Snelle Jongens' speelden. Maar het kan nog erger, want volgens mij is er in Argentinië een club die Old Boys heet! Na een kwartiertje fietsen en gelijk even een frisse neus halen dacht ik weer het mannetje te zijn. En dat viel dus bitter tegen, want toen ik een kaartje ging kopen vroeg het meisje aan het loket of ik een 65+ kaart wilde. Diep beledigd betaalde ik met gekrenkte trots de volledige prijs, pffff wat denkt ze wel! Van jongere naar oudere binnen 24 uur...
Lekker tussen de Quick Boys supporters gestaan. Beschaafd mopperen op tegenstanders, scheidsrechter en soms ook op eigen spelers, leuk om aan te horen. Trouwens ze zijn ook behoorlijk kritisch op hun eigen club hoor, want dat er zoveel fout is gegaan dat er €350.000,- tekort was en betaald moest worden aan belasting en schuldeisers zit ze nog erg dwars. Daarom werden er ook weinig grappen gemaakt over de problemen bij Young Boys. Leedvermaak kan leuk zijn maar in dit geval natuurlijk niet gepast. Hoewel, toen een speler van Young Boys een paar keer wat al te gemakkelijk ging liggen werd er wel geroepen: "Ben je soms fiches aan het zoeken?" Bij Young Boys werden kennelijk pokeravonden georganiseerd waar grote bedragen omgingen en vonden er waarschijnlijk nog wat illegale praktijken plaats, maar bij Quick Boys is er geld verdwenen en niet altijd even netjes belasting betaald. Alle twee fout natuurlijk.
Op het veld was het met de 'Jonge Jongens' tegen de 'Snelle Jongens' niet echt hoogstaand maar er werd weer aandoenlijk hard gewerkt. 'Snel' won terecht van 'Jong' met 0-1 door een fraaie kopbal van good-old Hendrik van Beelen. Ooit was ik de zaakwaarnemer van Hendrik en zijn teamgenoot Dirk Kuyt. Hendrik was het talent en Dirk de werker. Met moeite kreeg ik ze alle twee aan het voetballen bij FC Utrecht. Daar zijn hun carrières verschillend verlopen. Hendrik miste geen kwaliteit maar net die harde verbetenheid die nodig is om te slagen aan de top. Een aantal blessures hebben hem ook al niet geholpen. Nu is hij nog steeds belangrijk voor Quick Boys en na afloop zag ik hem liefdevol een peutertje op de arm nemen. Hij is vast ook geslaagd in het leven.
Beide clubs werken weer hard aan hun toekomst. Ik ben bang dat bij Young Boys dat niet erg gaat lukken. Daar is het meer een kwestie van overleven. In het beste scenario zullen ze over een paar jaar in de tweede of derde klasse spelen en ach, zo erg is dat nou ook weer niet. Past beter bij hun accommodatie en de 'kleine' club die ze eigenlijk zijn. Quick Boys speelt daarentegen over een paar jaar 'gewoon' in de topklasse en weer wat later zullen ze even 'gewoon' weer een keer kampioen van Nederland worden.

Piet Buter