HEADLINES
| Scheidsrechter gooit zelf het vuur uit7 februari RIJNSBURG - Met officieel nog een stiefkwartier te spelen besloot scheidsrechter Jacob van de Berge een afkoelingsperiode in te lassen. Rijnsburgse Boys, 2-0 voor, doodde de tijd op het veld en Capelle trok zich even terug in de kleedkamer om na een minuut of twaalf weer op te duiken. Maar al wie er daarna nog kwam, niet Van de Berge. Die had besloten de wedstrijd niet meer te hervatten.
Consternatie alom, bij spelers, begeleiders en toeschouwers. Definitief gestaakt. In een klap was er gesprekstof te over, want over de wedstrijd zelf was tot dat moment niet veel meer te vertellen dan dat Rijnsburgse Boys de meest effectieve ploeg was geweest en de trotse koploper Capelle zich machteloos had getoond op de momenten toen het erop aankwam de open kansen te benutten, eerst om gelijk te maken, later om het schouwspel weer in een stroomversnelling te krijgen. Met een 2-0 stand op het scorebord dreigde het duel al met al uit te gaan als een nachtkaars, totdat bij de overtreding van Menno van Roosmalen ten koste van Gertjan Rothman de vlam in de pan sloeg. Van de Berge maakte met lichaamstaal duidelijk een kaart op te gaan diepen, maar die kwam maar niet en dat gaf de goegemeente op het veld de gelegenheid eens flink met elkaar te gaan staan bakkeleien. Van een kaart trekken kwam het niet meer, want Van den Berge besloot nadat de gemoederen toch al weer gezakt waren - iedereen hield iedereen in bedwang toen puntje bij paaltje kwam - alsnog de strijd stil te leggen. Dat het voorgoed zou zijn, kon op dat moment niemand bevroeden.
De kleur van de kaart was niet eens zo belangrijk geweest, hoewel rood de ernst van de charge het best had weergegeven, maar had wel meteen een kaart getrokken, denk je dan. Rode kaart vergeten, luidde later de verklaring. Met rood was het waarschijnlijk rustiger gebleven, ofschoon ook dat giswerk was, want al eerder waren beide partijen een breed gevoerde discussie gestart, onderbouwd met wederzijds pluk- en trekwerk. Van den Berge bedekte echter het meeste met de mantel der liefde. Wellicht had de arbiter ook daar een straffere maat moeten stellen. De eerste die een kaart ontving was Christian Adelmund. Niets af te dingen op dat geel, want de charge op Resham Sardar was pittig. Niet veel later kwam de al tijden smeulende veenbrand plotsklaps aan de oppervlakte. Rijnsburgse Boys had de bal over de zijlijn gespeeld om een speler te laten verzorgen, Capelle deed bij de ingooi alsof het aan geheugenverlies leed en Peter Freke meende daarop zijn gram te kunnen halen op de benen van Nick van Wordragen. Geel voor Freke, wat ook rood had kunnen zijn. De toon voor het vervolg was gezet en die werd allengs scherper. En toen de brand weer oplaaide, moet de scheidsrechter tot de conclusie zijn gekomen dat hij zelf het vuur maar moest uitgooien.
Commentaar viel er niet te halen bij de leidsman, die zich hermetisch liet afsluiten voor nieuwsgierige buitenstaanders. Uit de tweede hand werd vernomen dat de arbiter had aangegeven dat hij de schuld niet bij de ploegen, maar bij zichzelf legde. Hij zou de wedstrijd niet meer aan kunnen. Een geval van acute burn-out? Een typisch voorbeeld van verwisseling van oorzaak en gevolg? Als spelers zich een beetje fatsoenlijk gedragen, is er toch geen aanleiding een wedstrijd te staken? Betrokken partijen spreken na zo'n zwaarwegende beslissing altijd de waarheid, hun waarheid. De trainers Niek Oosterlee en René Vermunt voerden een onthullend woordensteekspel op. Wat te denken van de onbezonnen actie van Van Roosmalen, 2-0 voor, kwartiertje nog te gaan, geen centje pijn, hak boem, ter hoogte van de middenlijn. "Je bent wel eens te laat met een overtreding", sprak de een. "Het was een potenbreker", meende de ander. De een weer: "Ik kon het ook niet goed zien." De ander: "Kom nou, het gebeurt vijf meter bij je vandaan."
"Onbegrijpelijk dat ze deze man zo 'n wedstrijd laten fluiten. Het is zijn eerste wedstrijd in de hoofdklasse." Grappig toch hoe snel sommige toeschouwers klaar staan met een oordeel, ook nog eens zonder enige kennis van de feiten. Van den Berge floot in Rijnsburg zijn zesde duel in de hoofdklasse dit seizoen. Zonder al te veel problemen voor zover dat in detail is na te gaan. Na alle commotie in Rijnsburg is het maar de vraag of er snel een zevende komt voor de Zeeuwse arbiter. Voorstelbaar is het ook dat Van de Berge even zijn bekomst heeft van voetballers die hun wil om te winnen wel erg fanatiek uitdragen. Uiteindelijk kwamen op het wedstrijdformulier de namen te staan van Adelmund, Freke en Tim Orlowski. De doelman van Rijnsburgse Boys kreeg een gele kaart wegens tijdrekken. De bal was over de ballenvanger gevlogen en Orlowski wilde een reservebal weer in het spel brengen, toen bal één weer werd teruggegooid binnen de lijnen. En dus pakte de keeper die maar weer om te hervatten. Een gele kaart waard, vond Van de Berge, die daarmee niet bepaald sfeerverhogend opereerde. Het droeg eerder bij aan het al maar stijgende wederzijdse irritatieniveau.
Capelle slaagde niet in waar de ploeg dit seizoen zo sterk in is, scoren vanuit de omschakeling of toeslaan vanuit spelhervattingen. Oosterlee had er bij zijn ploeg nog zo op gehamerd om geen overbodige overtredingen te begaan. Het gebeurde af en toe toch. En in de eerste vijf minuten gaf Rijnsburgse Boys zo maar achteloos twee hoekschoppen cadeau. Dat is met de luchtmacht van Capelle vragen om problemen. Spits Nick van Baaren en de twee centrale verdedigers Adelmund en Patrick Molendijk zijn stuk voor stuk groot en kopsterk. Rijnburgse Boys overleefde die eerste lastige fase en sloeg meteen daarna snel toe. Richal Leitoe maakte het verschil met een prachtige loop- en passeeractie over de rechterflank. Even dacht Capelle het gevaar geklaard te hebben, maar had buiten de precisie van Sardar gerekend die met een secuur hard schot de score opende: 1-0. Ruim een minuut later vloog Leitoe opnieuw langs linksback Jeroen Koppelaar, maar de behendige aanvaller lepelde de bal op het Capelle doel. Na een klein half uur spelen bediende Leitoe Joost Kuhlmann, maar die zag zijn doelpoging geblokt.
Een tactisch weerwoord op de bewegelijkheid van Rijnsburgse Boys had Capelle aanvankelijk niet. Sardar genoot op het middenveld opvallend veel vrijheid. Af en toe had hij Dick Tol en Van Wordragen als dubbele bewaking, maar ook was er geregeld geen Capellenaar in zijn buurt te bekennen. Ook Raymond Kolder liep feitelijk los rond. Pas na een aantal aanwijzingen vanaf de zijkant hoe het wel moest, kreeg Capelle meer vat op de strijd. De eerste serieuze dreiging kwam van Rothman met zijn voorzet op maat naar Marwin Richard. Capelle telde de goal al, maar Orlowski bepaalde anders met zijn reflex op de kopbal. Even later redde Bennie van Noord op een doelpoging van Bob Vermunt. En richting de rust hield opnieuw Orlowski goed het oog erin, onder meer met zijn onderscheppende actie waarmee hij Van Baaren een kans ontnam.
De bezoekers zullen vol goede moed hun bakje thee gedronken hebben, maar gooiden vlak na de pauze toch hun eigen glazen in. In eendrachtige samenwerking leverden Molendijk en Koppelaar knoeiwerk af en Leitoe zette de kers op de Rijnsburgse taart (2-0). Met een dubbele marge werd het vervolgens voor Rijnsbursge Boys zaak de strijd meer te gaan controleren dan te domineren. Dat ging de ploeg niet echt glad af. De geschorste Danny van der Vijver werd toch wel node gemist. Bij Rijnsburgse Boys ontbrak ook Bart Freke op het appel, maar diens afwezigheid in verband met een knieblessure is al van langer aard. Van Roosmalen nam de honneurs degelijk waar, in het centrum van de defensie gesteund door de eveneens sobere maar oerdegelijke Van Noord.
Dat Capelle toch kansen wist te creëren, tekent de veerkracht van de formatie van Vermunt. Zo kreeg Adelmund de 2-1 voor het inblazen, maar die joeg zijn kans vanaf een paar meter van het doel hoog over. Ook Witteman leek later op weg te zijn naar de aansluittreffer, maar reageerde feitelijk te traag in de kansrijke spelsituatie. Het was misschien wel de makke dat de mogelijkheden voor Capelle voor de voeten van verdedigers kwamen. De aanvallers kwamen er minder aan te pas. Ook de dubbele wissel, waarbij Vermunt met Laurens Visser en Sjoerd van der Waal extra offensieve kracht injecteerde, bracht geen soelaas.
Met welke sisser het afbreken van de wedstrijd gaat aflopen, is onbekend. Dat zal ook zeker afhangen van wat de dienstdoende rapporteur de voetbalbond gaat inseinen. Wat heeft hij gezien wat anderen niet gezien hebben? Iedereen in het veld bemoeide zich met iedereen. Wat opvalt, is dat spelers die in de wedstrijd elkaar wel lijken te willen wurgen op het moment dat de zaak is afgeblazen gaan staan geiten met elkaar. De Rijnsburger Martijn Gootjes en Capellenaar Roy Witteman bijvoorbeeld kennen elkaar langer dan vandaag. Ze maakten ooit deel uit van de succesformatie van Huizen, die in 2002 landskampioen werd. In het veld heb je dan in ieder geval een paar doorgewinterde gasten staan die iedere keer weer willen weten hoe winnen voelt. Witteman hield dat niet onder de pet en dat gold ook voor Kolder in het andere kamp. Gekeken naar de strengheid van de KNVB de laatste jaren bij dit soort incidenten, is een puntenstraf voor beide clubs niet denkbeeldig. Daar doet de hand die Van de Berge zo ruimhartig in eigen boezem stak niets aan af. Het wordt afwachten voor de betrokken clubs. Die zullen binnen afzienbare termijn ook nog de resterende tijd moeten volspelen, op een doordeweekse avond. Wie er dan fluit, Van de Berge mag het zeggen.
Tekst: Aad van der Graaf | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||